Brandweer redt koeien uit mestput

Interview: "We moesten koste wat kost voorkomen dat de dieren in de mest weg zouden zakken”

3 oktober 2025

Het is één van de kerntaken van de brandweer: het redden van dieren in nood. Omdat het zaterdag 4 oktober Dierendag is, blikken we terug een bijzonder incident waarvoor onze brandweer werd opgeroepen. Op donderdag 16 januari 2025 staat de brandweer namelijk voor een bijzonder grote uitdaging. In een koeienstal in Westbroek komen veertig koeien door het begeven van de stalvloer in de gierkelder onder de vloer terecht en dat is niet zonder risico's. Een aantal van onze betrokken collega's kijken terug op dit incident.

Het is één van de kerntaken van de brandweer: het redden van dieren in nood. Met regelmaat wordt de brandweer in onze regio hiervoor opgeroepen. Bijvoorbeeld voor een paard dat te water is geraakt. Een hond die knel zit of boven op een lift is beland. Of de welbekende kat in de boom.

Maar op donderdag 16 januari 2025 staat de brandweer voor een bijzonder grote uitdaging. In een koeienstal op een boerderij in Westbroek begeeft de vloer het. Ongeveer veertig koeien zakken in één klap in de gierkelder onder de vloer. De koeien staan tot hun nek in de mest en dat is niet zonder risico’s. Er is kans op verstikking. Maar ook kans op bedwelming door de mestgassen. Kortom: hulp is nodig en snelheid is geboden.

“Wij werden als eerste ploeg door de meldkamer richting de boerderij in Westbroek gestuurd”, vertelt Martijn van Ginkel, bevelvoerder op post Maartensdijk. “Ik kreeg een melding van een dier in de put. Nou, dat komt wel vaker voor. Toen las ik in de kladblokregels dat het om veertig koeien ging. Dat zal wel een schrijffoutje zijn, dacht ik. Maar de meldkamer bevestigde het toch echt. Als je dan aankomt is dat toch wel een aparte gewaarwording, zoveel beesten tot aan de nek in de mest.”

Ook Jan Nell, officier van dienst (OvD) bij dit incident, moest even knipperen met zijn ogen toen hij zag om hoeveel koeien het ging: “Je denkt dan gelijk ‘wat heb ik voor dit incident nodig?’. Zonder twijfel schaalde ik op met een giertank, een mobiele kraan, een dierenarts, een mestpomp en uiteraard onze specialistische veeredteams.

Bij aankomst gaf Martijn als bevelvoerder mij al aan dat het binnen echt een chaos was. De vloer was totaal in de gierkelder gestort, inclusief de ligplaatsen waar de koeien liggen. Ook was een volledige muur ingestort. Dus de staanders van het dak die op die muur stonden, hingen vrij in de lucht. Een belangrijke eerste vraag was dan ook: hoe is de stabiliteit van de stal? En staan de overige muren nog stevig? Daarop deden we een snelle verkenning en daaruit bleek dat de stal gelukkig nog stevig stond.”

Continu monitoren

De stabiliteit van de stal bleef gedurende het incident een factor van belang. Met zoveel koeien in de gierput was het duidelijk dat dit een langdurige inzet zou worden. Voor de aanwezige collega's was het dus cruciaal dat er veilig kon worden gewerkt.

“We bleven de situatie dus continu monitoren”, vervolgt Martijn. “We zagen de scheuren in de muren zitten en die werden ook steeds groter. Die koeien zitten niet stil, die bewegen in de mest. Dus dat zorgt ook voor beweging in de stal. Daarnaast waren er dus hele muren omgevallen en zijn we met tal van mensen en materieel in de weer. In de afstemming onderling hebben we besloten dat de bevelvoerder van het tweede voertuig met zijn collega's oog hield voor de situatie in de stal. Dat werkte goed.”

Brandweer overlegt over inzet
Brandweer overlegt over inzet

Hellingbanen

Met een stal die stabiel genoeg is om in te werken – en continue aandacht voor de constructie – was het zaak om een plan te maken voor de kern van dit incident: de koeien die uit de gierput moesten worden gered. En daar was een stukje creativiteit voor nodig.

Jan vertelt: “In gezamenlijk overleg kwamen we tot een plan voor deze klus. Dat begon met het omhooghouden van de koppen van de koeien. We moesten koste wat kost voorkomen dat zij in de mest weg zouden zakken, dus met stokken en bezems hielden we de koppen boven de mest. Vervolgens is dé vraag: hoe krijgen we ze er allemaal uit? We besloten al snel dat we de gierkelder niet leeg zouden pompen. Daarmee zouden we in de put voor drukverschillen zorgen en dat zou de muur kunnen verzwakken. Ook bleek er geen ruimte om een kraan de stal in te rijden. We wilden wel wat meer ruimte voor de beesten in de gierkelder, dus met een tank zogen we voorzichtig een klein deel van de mest eruit."

“Voor het redden van de dieren zelf kwamen we al snel op het idee om grote strobalen te gebruiken”, vult Martijn aan. “Met die strobalen maakten we als het ware een helling/trap in de put. We hoopten dat de dieren er zo zelf uit konden klimmen. Helaas was dit niet het geval. Het bleek lastiger dan gedacht om de koeien zelf in beweging te laten komen.” 

“Uiteindelijk zetten we per kant van de stal een gewone ploeg en een veeredteam in, om aan beide kanten de dieren eruit te halen”, vervolgt Jan. “We bewogen de beesten met de hand voorzichtig richting de hellingen. De collega's van de veeredteams konden dit met hun beschermde pakken goed doen. Vervolgens trokken we de beesten met een mobiele kraan van buiten de stal voorzichtig uit de put. We deden dit, met de hellingen van stro, zo diervriendelijk mogelijk. Dat was voor ons belangrijk: we wilden niet dat dit pijnlijk zou worden voor de beesten. Met z'n allen maakten we naast de gierput ruimte voor de koeien en met minishovels konden we ze verplaatsen naar buiten.”

Verse lucht

Naast het redden van de koeien zelf en het monitoren van de stabiliteit van de stal, was er nóg een belangrijke factor om rekening mee te houden: de giftige mestgassen die levensgevaarlijk kunnen zijn voor mensen. Ook daar moest gedurende dit incident op worden geanticipeerd.

“En dat begint met de zorg voor voldoende verse lucht in de stal”, legt Jan uit. “Via twee zijdeuren lieten we dus met grote ventilatoren continu verse lucht in de stal komen. Doe je dat niet, dan blijven die gassen hangen en dat is bloedlink. Dan denk ik primair niet eens aan mezelf en de collega's, wij hebben pakken aan en ademlucht op. Maar mijn zorg zat met name bij de eigenaren, de boeren. Die wilden natuurlijk van alles doen. Zij gaan door een emotionele rollercoaster.

De boer stond al tot z'n middel in de mest om te helpen en dat wil je liever niet zien. Dus we hebben hem echt moeten overtuigen ons het werk te laten doen. Wij weten wat we doen en we zijn beschermd. Dat was emotioneel zwaar voor hem, maar dat is uiteindelijk goed gegaan. We konden hem geruststellen. Zo konden wij beschermd verder met de klus. Het was daarom ook fijn dat de specialisten van de veeredteams er waren. Zij konden het werk in de gierput zonder zorgen doen.”

Brandweer redt koeien uit mestput
Brandweer redt koeien uit mestput

Motorkapoverleg

Intussen wordt hard gewerkt aan het redden van de koeien uit de gierkelder. Met de gebouwde hellingbanen van stro en met de hulp van de kraan, konden de koeien één voor één uit de mest worden getrokken. Dat moet voorzichtig gebeuren en dat kost tijd. En naarmate de uren verstreken, veranderde de situatie in de stal.

“Voorin de stal, waar de melkstal zich bevond, zagen we dat de muur nu wel tien centimeter was verzakt”, vertelt Martijn. “De boer gaf nog aan dat hij die avond daar ook nog moest melken. Dat hebben we toch maar uit z'n hoofd gepraat. We vonden het aan de voorkant van de stal echt gevaarlijk worden. We stopten daar toen ook met het bevrijden van de beesten, voor de veiligheid. Alleen aan de achterkant van de stal gingen we verder. De aanwezige teams konden elkaar daar mooi aflossen.”

“Maar het vee, dat inmiddels buiten loopt, moest 's avonds wel weer naar binnen voor het melken”, vervolgt Jan. “Daar had de boer natuurlijk gelijk in. We organiseerden toen een soort ‘motorkapoverleg’, niet met andere hulpdiensten, maar met boeren en buren uit de omgeving. We gaven aan wat er nodig was: stallen, plekken om te melken, veewagens, hekken, dat soort zaken. En we vroegen: ‘kunnen jullie hierbij helpen?’. Nou, dat was in een half uur geregeld, de trekkers stonden snel voor de deur om het vee op te halen. Wij haalden de koeien eruit en de veehouders bedachten een soort laad-los systeem om het vee vervolgens te verplaatsen naar een stal van een stoppende boer verderop in het dorp. Dat was super, die samenwerking tussen de brandweer, veehouders en buren. Het was echt mooi om te zien hoe ze voor elkaar klaarstonden en hielpen.”

Geredde koeien worden overgebracht
Geredde koeien worden overgebracht

Klus met elkaar geklaard

Uiteindelijk worden alle koeien gezond en wel uit de mest gered. Buiten krijgen de dieren ruimte om even bij te komen in de wei en later worden ze verplaatst naar een stal in de buurt. Zo komt dit niet alledaagse incident succesvol ten einde.

“Terugkijkend was dit wel een heel bijzondere klus’, laat Martijn weten. “Dit maak je niet vaak mee. We waren met veel mensen aanwezig en ik denk dat het belangrijk is geweest dat we alles goed met elkaar afstemden. Jan maakte als OvD met ons gezamenlijk een plan en we hebben de taken goed verdeeld. Dat helpt enorm bij zo'n incident.”

“We klaarden deze klus met elkaar, dus we sloten 'm ook met elkaar af”, besluit Jan. Via de pelotonscommandant logistiek liet ik onze basisontsmettingseenheid (BOE) en eten komen. Niet alleen voor de collega's, maar ook voor de veehouders die klaarstonden om te helpen. In de BOE spoelden we ons af en kleedden we ons om. Zo laten we vervuiling zo veel mogelijk op de plaats van het incident en sleuren we het niet mee in onze voertuigen. Uiteindelijk aten we met elkaar ter plaatse een maaltijd als afsluiting.

Ik kijk écht met trots terug op dit incident. Alle brandweercollega's hebben enorm door gebuffeld. Om 11.30u begint zo'n incident en om 17.30u ben je klaar. Dat is slopend. Geen enkele koe is gewond of overleden, dat is hartstikke mooi. Vooral voor de boer. Ik ben zelf agrariër geweest, dus ik ken de wereld. Dat helpt mee bij zo'n incident, maar daardoor leef je ook extra mee met zo'n boer als dit gebeurt. Dus dat we met elkaar al die koeien konden redden: petje af voor iedereen, dat hebben we mooi voor elkaar gekregen!”

Koe in de wei
Geredde koe in de wei

Het laatste nieuws

2 maart maandelijkse sirenetest

2 maart 2026
Iedere eerste maandag van de maand om 12.00 uur worden alle 4278 sirenes (de WAS-palen) in Nederland getest. Zo ook op maandag 2 maart. De sirenes worden iedere eerste maandag van de maand getest, zodat iedereen het geluid herkent bij een ramp of zwaar ongeval. Het geluid van de sirenes duurt 1 minuut en 26 seconden.

Samenwerking tussen MBO Amersfoort en Veiligheidsregio Utrecht van start

27 februari 2026
Op de brandweerkazerne in Amersfoort Centrum is officieel het startsein gegeven voor een nieuwe samenwerking tussen de Veiligheidsregio Utrecht en MBO Amersfoort.

In vuur en vlam

13 februari 2026
Nicky en Patrick kennen elkaar al sinds hun tienerjaren. Zij stond als nieuwsgierige bezoeker, samen met vrienden, bij een jeugdbrandweeroefening (“kijken of dit misschien iets voor mij was”), hij als jeugdleider. “Ja, ik vond hem aantrekkelijk,” geeft Nicky toe, “maar ik was vooral met de brandweer bezig, laat dat duidelijk zijn.” Toch bleef dat beeld hangen. Later, bij de scouting, pakten ze dat gesprek moeiteloos weer op — en vanaf dat moment ging het snel.