Paul: “Het is gaaf om ergens naar toe te gaan, terwijl andere mensen juist weggaan.”
Ruim 26 jaar werkte Paul van Oostrum bij de brandweer en later bij de VRU. Vanaf 1 januari gaat hij van zijn welverdiende pensioen genieten. Paul is een bekend gezicht binnen de VRU. We spraken hem over het verloop van zijn carrière.
Paul, hoe ben jij bij de brandweer en de VRU terecht gekomen?
“Mijn tweelingbroer Peter werkte destijds bij de Bedrijfsbrandweer van Douwe Egberts en was vrijwilliger in Houten. Ik vond het echt geweldig wat hij daar allemaal meemaakte. Toen dacht ik: ‘Misschien is dat ook wel wat voor mij!’. Zo gezegd, zo gedaan! Zo ben ik uiteindelijk ook bij de vrijwillige brandweer in Houten terecht gekomen en ben ik in de technische dienst gerold en de wereld van Materieel en Logistiek.
Binnen de brandweer heb ik uiteindelijk diverse rollen gehad. Ik ben begonnen als manschap en ben uiteindelijk doorgegroeid naar Bevelvoerder en Officier van Dienst van Houten, Vianen en Nieuwegein. Ook ben ik ploegchef geweest, PC-log en postcommandant van brandweerpost Houten-Oost. Dat was een bijzondere tijd, waar ik erg van heb genoten. Ik vond het moeilijk om daar mee te stoppen. Speciaal voor mijn afscheid is er zelfs een pleintje op de post naar mij vernoemd. Daar voel ik me nog steeds vereerd over.”
Wat is je het meest bij gebleven van alles wat je binnen de brandweer hebt meegemaakt?
“De grootste brand die ik heb meegemaakt was een brand in een lijstenmakerij. Ik was onderweg naar de brand en reed op de A2. Zonder dat ik ter plaatse was geweest, maakte ik gelijk grote brand vanwege de enorme rookkolom die waarneembaar was in Nieuwegein. En dat was maar goed ook, want alle panden die om het gebouw heen stonden, hebben we door de snelle opschaling kunnen redden. Het gebouw zelf was helaas wel tot op de grond toe afgebrand.
Als brandweervrijwilliger kun je soms geconfronteerd worden met echt heel heftige dingen. En ik heb ook best veel meegemaakt in mijn hele loopbaan. Maar zodra ik mijn brandweerpak aantrok, dan ging de knop om en was ik een ander mens. Natuurlijk doet het je soms ook écht wat. Het scheelt denk ik dat mijn vrouw ook brandweervrijwilliger was en we er goed over konden praten met elkaar. We hebben elkaar overigens op de brandweerpost ontmoet, mijn vrouw en ik, dus dat is wel bijzonder. Behalve mijn vrouw heb ik ook hele goede vrienden aan de brandweer overgehouden. Het kameraadschap is ook zeker een belangrijk aspect van het brandweerwerk.”
Als je terugkijkt, wat vind je dan het mooist aan de hele brandweerwereld?
“Als je bij de brandweer zit, heb je toch dat sensatiegevoel. Dat trok mij wel aan. Het is gaaf om ergens naar toe te gaan, terwijl andere mensen juist weggaan. Het werk bij de brandweer is echt heel mooi en zinvol werk. En ik heb het dan ook altijd super naar mijn zin gehad binnen de brandweer.
Verder ben ik ook echt een hulpverlener in hart en nieren. Ik krijg er heel veel energie van om andere mensen te helpen, dat maakt me blij. Hulpverlener ben je ook niet alleen tijdens je brandweerdienst, dat zit gewoon in je. Ik heb wel eens iemands leven gered in een restaurant. Die mevrouw was aan het eten, maar ze verslikte zich en stikte daardoor. Het is bizar om te zien dat werkelijk niemand dan wat doet. Het restaurant was helemaal afgeladen, maar iedereen stond erbij en keek ernaar. Uiteindelijk heb ik haar een tik tussen de schouders gegeven en toen kwam het botje dat ze had ingeslikt los. Het geeft een fijn gevoel om te weten dat je dan het verschil hebt kunnen maken.”
Waar ben je het meest trots op binnen je carrière bij de VRU?
“De afgelopen jaren heeft er een grote professionaliseringsslag plaatsgevonden binnen de afdeling Materieel en Logistiek. Er was helemaal geen magazijn en er was niks geregistreerd. Als je ziet wat er nú staat en dat we dat binnen een paar jaar hebben gerealiseerd, dan ben ik daar wel echt trots op. We hebben echt wat opgezet met elkaar. Dat hebben we maar mooi samen gedaan.”
Tot slot: wat ga je straks als eerste doen als je met pensioen bent?
“Ik heb een hele lijst opgestapelde klusjes die ik thuis wil gaan doen. Dus tot de zomer ga ik klussen in huis. En ik ben inmiddels al opa, dus ik ga ook oppassen op mijn kleinkinderen. Ook heb jarenlang handboog geschoten, dus dat wil ik weer een beetje gaan oppakken. Ik ga mijn collega’s bij de VRU zeker missen, maar zoals je ziet kom ik straks mijn tijd best wel door!”