Niet het vuur, maar de rook is vaak het gevaarlijkste tijdens een brand. Vooral in appartementsgebouwen is dit het geval, maar zeker in wooncomplexen voor ouderen. Dat is gebleken bij de brand in ’t Heycop in Breukelen. Om de kennis te vergroten is een praktijkonderzoek rookverspreiding uitgevoerd in Oudewater waaraan ook de VRU deelnam.

Als er brand is in een appartementencomplex dan is het devies voor bewoners van omliggende appartementen meestal: binnen blijven. Zodra deuren opengaan, verspreidt de rook zich ook naar andere ruimten. Het is dus noodzakelijk om meer inzicht te krijgen in hoe rook zich verspreidt, maar ook in welke inzet van de brandweer het meest effectief is.

Dat is de reden achter een praktijkonderzoek in voormalig woon-zorgcentrum Schuylenburcht in Oudewater. De VRU werkte aan het begin van de zomer twee weken samen met de Brandweeracademie, Brandweer Nederland, de gemeente Oudewater en Woningcorporatie De Woningraat om in een bestaand pand zoveel mogelijk onderzoek te kunnen doen.

Eisenpakket

Brandonderzoeker bij de VRU Hans Nederhoff: ‘Er is regelgeving over brandveiligheid. Die stelt eisen aan gebouwen voor vluchtroutes, brand- en rookcompartimenten. Dat eisenpakket verschilt per gebouwsoort. Voor bijvoorbeeld een ziekenhuis zijn de eisen anders dan voor een kantoorgebouw. Voor woongebouwen zijn de eisen afgestemd op het type gebouw, maar daarmee wordt dus geen rekening gehouden met de leeftijd en zelfredzaamheid van de bewoners. Dat betekent dat woongebouwen waar jonge gezinnen wonen aan dezelfde eisen voldoen als gebouwen bestemd voor ouderen.’

Logistiek

Degene die de locatie in Oudewater aankaartte, is Jurjen Zeinstra. Hij werkt bij de VRU, is brandonderzoeker, regiocoördinator en postcommandant in Oudewater. Tijdens het onderzoek is hij ook ingezet. Schuylenburcht voldoet aan alle criteria: vier woonlagen, inpandige gangen en met leidingschachten. ‘De basis stond er maar vervolgens moesten er situaties worden nagebootst. De logistiek heb ik met onze post in Oudewater verzorgd. Denk dan aan bouwers, loodgieters en elektriciens die zijn ingezet om ruimtes te prepareren. Eigenlijk moet je mij zien als een soort spin in het web die alles regelde. Dus ook het verzorgen van de maaltijden, contacten met de gemeente en het organiseren van alle situaties die nodig waren.’

Veiliger

Ze praten er allemaal met plezier over. Voormalig burgemeester Pieter Verhoeve van Oudewater vond het dan ook een eer dat dit onderzoek in zijn gemeente is gehouden. ‘Wij verlenen waar mogelijk graag onze medewerking aan onderzoeken en experimenten. Zeker als de uitkomsten van waarde zijn voor ouderen. Je hoopt vooral dat het een veiligere situatie oplevert voor de meest kwetsbare inwoners. Maar het is ook een hele eer om twee weken lang zo veel specialisten in onze stad te hebben gehad. Het zorgt ook voor naamsbekendheid van Oudewater en dat is een mooie bijvangst.’

 

Uitstekende samenwerking

In Oudewater zijn 19 praktijkexperimenten uitgevoerd en zijn verschillende blustactieken getest. Alles is zorgvuldig in kaart gebracht. ‘Dat de experimenten zo goed zijn verlopen kwam door de gedegen voorbereiding van de collega’s van het IFV en de VRU en de uitstekende samenwerking tussen beide organisaties’, zegt Hans Nederhoff. ‘Het onderzoek levert een grote hoeveelheid gegevens op: over de effectiviteit van de onderzochte brandveiligheidsvoorzieningen en de verschillende blustactieken. Ik hoop dat het rapport van het IFV als basis gaat dienen om de huidige regelgeving voor woongebouwen aan te passen, zodat ouderen lang zelfstandig én veilig in een woongebouw kunnen wonen.’

Binnen- en buitenland

De eerste resultaten, zo vertelt Jurjen Zeinstra, zijn tijdens het FSS-congres (Fire Safety & Science) in november bekendgemaakt. ‘Het hele rapport moet nog worden afgerond. Ik verwacht dat we veel uitkomsten gaan zien die ons als brandweer gaan helpen én dat er nog beter wordt gebouwd. Voor de VRU vind ik het vooral mooi dat dit een onderzoek is waarvoor veel interesse is in zowel binnen- als buitenland. De VRU is hiermee stevig op de kaart gezet maar het belangrijkste is natuurlijk dat dit uiteindelijk moet leiden tot een veiliger woonomgeving.’