Extreem weer

Harde regen, windstoten, onweer, sneeuw en ijzel of extreme hitte. We hebben steeds vaker te maken met extreem weer. Het KNMI waarschuwt met de kleurcodes geel, oranje en rood voor de mogelijke gevaren van het weer.

Hieronder staat per weertype wat je kunt doen in zo’n geval. Ook staan er tips hoe voor te bereiden op deze weersomstandigheden.

Hitte

We spreken van extreme hitte als het 4 dagen 27 of meer graden is. Vooral voor ouderen, mensen die al lang ziek zijn en en mensen met overgewicht kan dit gevaarlijk zijn. Ze kunnen problemen krijgen met ademhalen of last hebben van duizeligheid en jeuk. Maar ze kunnen ook heel erg ziek worden.

Jezelf op hitte voorbereiden

Het KNMI kan extreme hitte meestal goed voorspellen. Ze geven dan een waarschuwing. Let op de codes geel, oranje of rood in het weerbericht en volg de adviezen op.

  • Blijf zoveel mogelijk binnen. Vooral tussen 12.00 en 16.00 uur;
  • Sluit overdag ramen, doe de gordijnen dicht of gebruik de zonwering;
  • Drink minimaal 2 liter water per dag;
  • Span je niet te veel in, vooral niet tussen 12.00 en 16.00 uur.

Als je naar buiten gaat

  • Smeer je in met zonnebrandcrème;
  • Draag lichte kleding die beschermt tegen de zon;
  • Doe een zonnebril op en draag iets op je hoofd. Een hoed, pet of sjaal.

Mist

Mist is vooral gevaarlijk in het verkeer.

Voorbereiden op mist

  • Houd de weersvoorspellingen en de verkeersinformatie in de gaten;
  • Ga niet de weg op als het niet hoeft;
  • Controleer regelmatig de (mist)verlichting van je auto.

Als je toch met de auto de weg op gaat

  • Gebruik de (mist)verlichting;
  • Matig je snelheid;
  • Houd voldoende afstand.

Onweer

Onweer kan heel gevaarlijk zijn door de bliksem die het veroorzaakt. Bliksem is vooral gevaarlijk als het onweer dichtbij is. Dat is het geval als er minder dan zit tussen de bliksemflits en de donderslag. Ook ontstaat er vaak veel wind en soms hagel als het onweert.

Wat je kunt doen als het onweert

  • Tel de seconden tussen bliksemflits en donder. Is dit minder dan 10 seconden dan is het onweer gevaarlijk dichtbij;
  • Blijf binnen en sluit ramen en deuren;
  • Trek de stekkers uit apparaten en koppel telefoon- , computer- en antenneaansluitingen los;
  • Gebruik geen water. De bliksem kan via de leidingen kranen of radiatoren onder stroom zetten. , een bad of douche en radiatoren kunnen gevaar opleveren, al gebeurt dat tegenwoordig zelden.

Wat je moet doen als je buiten bent en er is onweer

  • Een auto met gesloten ramen en deuren is veilige schuilplaats;
  • Als je niet kunt schuilen: maak jezelf dan zo klein mogelijk door op je hurken te gaan zitten en je voeten tegen elkaar te houden;
  • Ga nooit op de grond liggen;
  • Schuil nooit onder bomen, hoge masten of in de buurt van een metalen afrastering;
  • Blijf uit de buurt van open water;
  • Ben je met meer mensen? Verspreid je dan.

Harde regen of veel regen

Extreme regenval kan vervelende gevolgen hebben of zelfs gevaarlijk zijn. Straten, tunnels, huizen, winkels en andere gebouwen kunnen onder water komen te staan. Weggebruikers moeten rekening houden met slecht zicht en slipgevaar. Ook kan de stroom uitvallen.

Voorbereiden

Houd altijd de lokale weersvoorspellingen in de gaten.

Als je in een omgeving woont waar vaak wateroverlast is

  • Zet waardevolle spullen op een plek waar het water niet bij kan. Bijvoorbeeld bovenop een kast of op de 1e verdieping.
  • Sluit openingen, zoals deuren, zoveel mogelijk af. Maak een tijdelijke nooddrempel van zandzakken of plaats een schot om het water tegen te houden.
  • Sluit afvoeren van toilet, gootsteen of afvoerputjes af door er een theedoek of andere prop in te stoppen.
  • Zet emmers of bakken neer om het water op te vangen.
  • Sluit de stroom tijdelijk af. Hiermee voorkom je stroomstoringen en brand.

Wat moet ik doen na extreme regenval?

Krijg je te maken met wateroverlast?

  • Bij acuut gevaar bel je 112. Is er geen spoed, maar is de brandweer wel nodig? Bel dan 0900-0904. Kijk voor meer informatie op Storm- en waterlast, wanneer bel je de brandweer?
  • Haal een waterpomp of schakel een gespecialiseerd bedrijf in om het water weg te pompen.
  • Als er een paar centimeter water staat: gebruik een waterstofzuiger of emmer en dweil.
  • Als de ruimte blijft onderlopen als gevolg van een verstopte riolering of afwatering, bel dan je gemeente.

Sneeuw, hagel, ijzel

Sneeuw, hagel en ijzel veroorzaken gladheid. Dat is gevaarlijk voor het wegverkeer en vooral voor fietsers en voetgangers. Bij stevige hagel en sneeuwval is er ook sprake van slecht zicht. Door ijzel en sneeuwval kunnen boomtakken of zelfs hoogspanningskabels afbreken. Bij grote hoeveelheden sneeuw kunnen daken instorten. 

Wat kun je doen bij winterse neerslag

  • Houd de weersvoorspellingen in de gaten en volg de adviezen op.
  • Blijf zoveel mogelijk binnen.
  • Ga alleen de weg op als het echt nodig is.
  • Leg een deken, een zaklamp en eten en drinken in je auto.
  • Tijdens de winter zijn winterbanden veiliger op de weg.

Wat je kunt doen als je toch naar buiten moet

  • Kleed je warm aan. Draag een muts of pet en handschoenen.
  • Blijf in beweging.
  • Ga na of en waar de gemeente heeft gestrooid.
  • Maak de stoep voor je huis en je eigen oprit sneeuwvrij. Strooi strooizout om gladheid te voorkomen. Bij sommige gemeenten is strooizout verkrijgbaar.
  • Ga je toch met de auto de weg op, luister naar de verkeersinformatie.

Storm of windstoten

Storm en windstoten kunnen het hele jaar voorkomen. Houd dus altijd de weersvoorspellingen in de gaten. Als je buiten bent, loopt je het risico geraakt te worden door losvliegende voorwerpen. Ook het wegverkeer heeft vaak veel last van windstoten. Vooral auto’s met aanhangers of caravans en vrachtwagens kunnen in de problemen raken bij harde wind. 

Zware windstoten

Bij zware windstoten (vanaf 75 kilometer per uur) kunnen dakpannen van daken blazen en takken van bomen afbreken. Bij zeer zware windstoten (vanaf 100 km/u) kunnen de gevelplaten van gebouwen losraken, bouwsteigers en hijskranen omvallen en bomen omvallen.

Wat je kunt doen bij storm of windstoten

  • Blijf zoveel mogelijk binnen.
  • Als je toch naar buiten moet, verlaat het gebouw dan liefst via een uitgang die niet recht in de wind ligt.
  • Houd ramen en deuren gesloten en zet buitenluiken goed vast.
  • Haal tuinmeubelen of andere losse spullen die buiten staan naar binnen of zet ze goed vast.
  • Zet je auto niet in de buurt van bomen en schuttingen.

Als je buiten bent tijdens storm of windstoten

  • Schuil niet onder bomen of bij huizen en gebouwen vanwege vallende takken, dakpannen of andere spullen.
  • Schuil liefst in een gebouw en wacht tot de storm is gaan liggen.
  • Ben je met de auto onderweg? Vermijd bruggen en dammen. Luister naar de verkeersinformatie.
  • Blijf uit de buurt van open water.
  • Voer tijdens de storm geen (nood)reparaties uit aan je huis. Doe dat pas als de wind is gaan liggen.

Wie je moet bellen als je stormschade hebt

Bij acuut gevaar of spoed bel je het alarmnummer 112. Is het niet acuut, maar heb je de brandweer wel nodig? Bel dan 0900-0904. Kijk voor meer informatie op Storm- en waterlast, wanneer bel je de brandweer?