Ik was ’s ochtends aan het werk bij de gemeente, toen mijn pieper afging voor een kleine brand in een woonzorgcentrum. Hoewel het een begon als een kleine brand, ging het al snel de verkeerde kant op”.

“Wat er namelijk gebeurde, was dat het ventilatiesysteem op het dak de rook opzoog en deze snel door het hele pand verspreidde. Een pand waar kwetsbare, veelal dementerende ouderen gehuisvest waren. Door de stevige rookverspreiding liepen zij dus allemaal gevaar. Binnen no-time arriveerden er enorm veel hulpdiensten, maar door de snelle rookverspreiding niet genoeg om het hele pand op tijd te ontruimen. Gelukkig waren er ook bouwvakkers en buurtbewoners die een massale ontruiming op poten hadden gezet. Ik zie nog voor me hoe de bewoners met behulp van bouwmaterieel uit het brandende pand werden gehaald. Zo ontstond er echt een mooi samenspel van hulpverleners aan de ene kant en burgerhulp aan de andere kant.

Toen mijn hulp niet langer nodig was, ben ik naar huis gegaan om te douchen en daarna ben ik weer naar het gemeentehuis gegaan, waar ik destijds werkzaam was. Op het gemeentehuis begon de crisis toen pas eigenlijk écht. Want hoewel de bewoners acuut in veiligheid waren gebracht, moesten zij nog wel ergens een tijd worden ondergebracht. Voor de gemeente is die huisvesting een belangrijke taak. Maar wat mij opviel was dat ik als brandweerman, een heel ander beeld had van het incident dan mijn collega’s die niet ter plaatse waren geweest. Pas toen ik de foto’s liet zien van de vlammen, de hectiek en de evacuatie van tientallen dementerende ouderen, werd de ernst van de situatie echt goed helder. Daardoor merkte ik dus dat er een verschil was in de beleving van de brandweerorganisatie ten opzichte van de crisisorganisatie.

Dat heeft mij getriggerd en is mede een drijfveer geweest om een rol te gaan spelen in de crisisorganisatie. Ik deed dit toentertijd al wel als Officier van Dienst, maar ik ben vervolgens ook Algemeen Commandant Bevolkingszorg van de gemeente geworden. In die functie heb ik er altijd voor geprobeerd te zorgen dat alle betrokkenen bij een crisis hetzelfde beeld hebben en een gedeeld gevoel van wat er aan de hand is. De basis daarvoor is echt bij dit incident gelegd.

Inmiddels is het ongeveer tien jaar geleden dat dit incident plaatsvond. We hebben als VRU enorme stappen gezet in hoe het informatiebeeld gedeeld wordt, bijvoorbeeld via het regionaal dashboard corona. Met waanzinnig veel data geven we een mooi beeld van de actuele situatie in de coronacrisis. Ik zie het als vrijwilliger ook binnen de brandweerorganisatie. Door middel van een tablet in het voertuig kunnen we foto’s delen met iedere betrokkene met toegang. Dat draagt enorm bij aan een gedeeld beeld, aan dezelfde ‘sense of urgency’ rond een incident. Of denk aan ons VeiligheidsInformatieCentrum (VIC), dat continu monitort wat er de regio speelt om een actueel risicobeeld te kunnen geven. Dat zijn echt fantastische stappen in tien jaar tijd.”